06 - 25 007 457 info@alexandrarakemann.nl


Eerste kerstdag was ik met mijn lieve vriendin Janet op Schier. Wij deden een Yule-ritueel en liepen onze spiraal op het strand met de vraag: wat is het dat vanuit het donker het licht wil gaan zien in het komende jaar? Tijdens het lopen van de spiraal laat ik mijn hoofd bij de ingang liggen en open ik mij voor de spirits in het volste vertrouwen dat er een antwoord zal komen in welke vorm dan ook. Ik geef mezelf over aan elke impuls die er is. Het antwoord op de vraag kwam dit keer wel heel erg snel. Ik weet nog dat ik in het midden van de spiraal stond en dat ik intuïtief mijn ogen dicht deed. Ik ben rondjes gaan draaien. Op een gegeven moment deed ik mijn ogen weer open. Ik stond met mijn gezicht naar de zee. Mijn blik, die wat blurry was door het draaien, werd naar de horizon getrokken en ik kon niet goed zien waar de zee nu overging in de lucht. Het werd één grote grijze massa. Een oneindige ruimte waar ik in verdween. Voor een moment was ik daar en werd ik die ruimte. En toen was ik ineens weer op het strand met mijn voeten in het zand. En ik wist, dit is mijn thema voor 2019: Ik Ben Ruimte.

Dit thema slaat me sindsdien keihard om de oren. Regelmatig tref ik mezelf bont en blauw aan. Het is mijn zoon die met zijn engelenvleugels mijn porseleinkast schoonveegt. Ik heb ontelbaar veel hokjes en overtuigingen en concepten over hoe ik als moeder hoor te zijn. Wíl zijn. Waar opvoeden en begeleiden over gaat. Hoe ik hoop dat mijn zoon is en doet. Wat ik normaal vind en wat ik abnormaal vind. Wat ik veilig vind en onveilig etc. Mijn zoon weet het mij allemaal te spiegelen. Regelmatig tref ik mezelf aan met mijn handen in het haar. Ik ervaar woede, wanhoop, machteloosheid, bezorgdheid, haat, schuld, schaamte. Het wisselt elkaar in een hoog tempo af en soms ben ik volledig ingezogen en behoorlijk de weg kwijt. Ik? Ingezogen? Ik die zo bewust leef? Ik die mensen coach en begeleid naar een ruimere staat van Zijn, omdat in die modus de problemen op lijken te lossen en antwoorden zich als vanzelf aandienen. Waarom lukt het mijzelf dan niet om die modus op te roepen? Om in die ruimte te verblijven? Om die ruimte te Zijn.

Gisteren had ik een afspraak met mijn lieve vriendin Hanneke (lang leve al mijn lieve vriendinnen). Ik hang net op met de coach van mijn zoon en tref mezelf het volgende moment huilend in de armen van Hanneke aan. “Han, ik weet t niet meer. Ik kan ’t niet meer aan. Het is niet mijn zoon die hulp nodig heeft, ik heb hulp nodig. Help. Help me. Wie helpt me?” En meteen weer schaamte over mijn vermeende slachtoffergedrag waar ik dan weer sorry voor wil zeggen en wat ik dan ook weer stom vind van mezelf. We kennen allemaal die riedel wel. Zo beland ik van double trouble in triple trouble en verdwijn ik in het moeras. Nu geeft Hanneke Access Bars sessies en ik vraag haar of ze me een behandeling wil geven, want de vorige keer dat ze dat had gedaan bracht het mij zoveel ruimte. Zij legt haar handen op de verschillende drukpunten op mijn hoofd en ik kan alleen maar heel hard huilen, want ja, ik heb eindelijk om hulp gevraagd. Dan hoor ik haar zeggen dat ik ruimte ben. Ik hoor ook mijn geïrriteerde reactie: “Jahaaa, ik weet dat ik ruimte Ben maar nu even niet gvd!” En zij blijft het heel liefdevol en bedaard herhalen en ik word steeds rustiger en rustiger. 

Vanochtend sta ik op en loop ik mijn tuin in. Mijn hart maakt een sprongetje van blijdschap als ik een merel luidkeels in een boom hoor fluiten. Ik voel hoe de wind langs mijn huid streelt. De warmte van de zon op mijn gezicht. Het geel van de paardenbloemen in het gras. Een gevoel van geluk stroomt door mijn heen. Mijn hemel. Wat is dit? Waar was dit? Het woestijngevoel komt over me. Dit is hoe ik mij in de woestijn voel. Volmaakt gelukkig met mezelf. De liefde bedrijvend met de wind, het zand, de bergen. De leegte. De ruimte. Mijn zoon komt beneden. Ik voel hoe de liefde weer stroomt en hoeveel ik van hem hou. Huh? Was er een probleem? Had ik een probleem? Hoezo kon ik het allemaal niet meer aan? Ik kan haast niet geloven dat de persoon die ik gisteren was dezelfde persoon is als die ik vandaag ben. Het voelt onwerkelijk. Ik huppel. Ik zing. Hè hè. Daar ben ik weer. Ik ben weer thuis. Vandaag ben ik ruimte.